Lidmaatschapscriteria VvCP

Lidmaatschapscriteria VvCP

Inleidend

  • Slechts natuurlijke personen kunnen (aspirant-)lid van de vereniging zijn.
  • Het (aspirant-)lidmaatschap is persoonlijk en mitsdien niet vatbaar voor overdracht of overgang.
  • Advocaten, Financieel deskundigen en Kinderdeskundigen die voldoen aan de voorwaarden om toegelaten te worden tot de Vereniging van Collaborative Professionals (hierna te noemen: de vereniging) kunnen als (aspirant-)lid tot de vereniging worden toegelaten en dienen zo spoedig mogelijk dan wel in ieder geval de eerstvolgende basistraining Collaborative Practice te volgen. Uitsluitend in overmachtsituaties kan eventueel uitgeweken worden naar de daarop volgende leergang. Indien ook aan deze leergang niet wordt deelgenomen, eindigt het aspirant-lidmaatschap met onmiddellijke ingang.
  • De dag waarop de basistraining Collaborative Practice is afgerond, wordt het aspirant- lidmaatschap omgezet in het lidmaatschap van de vereniging.

 

1. Aspirant-leden van de vereniging kunnen enkel zijn:
 

Algemeen:
Personen:

  1. die een academische opleiding op relevant terrein hebben gevolgd; en
  2. die voldoen aan de criteria van de beroepsgroepen Advocaat, Financial en Kinderdeskundige (zie hieronder );
  3. die lid zijn van een beroepsorganisatie met een eigen klacht- en tuchtrecht; en
  4. die een beroepsaansprakelijkheidsverzekering hebben afgesloten;
  5. die binnen een jaar na aanvang van het aspirant-lidmaatschap een mediationopleiding hebben gevolgd, erkend door MfN , tenzij hieronder anders is bepaald;
  6. die met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement;
     

dan wel

  1. aan wie in een individueel geval ontheffing van een of meer van de hierboven omschreven vereisten voor het (aspirant-)lidmaatschap is verleend door het bestuur, aan welke ontheffing nadere voorwaarden kunnen worden gesteld.

 

2. Leden van de vereniging kunnen enkel zijn:
 

Algemeen:
Personen:

  1. die een academische opleiding op relevant terrein hebben gevolgd; en
  2. die voldoen aan de criteria van de beroepsgroepen Advocaat, Financial, Coach en Kinderdeskundige (zie hieronder) ;
  3. die lid zijn van een beroepsorganisatie met een eigen klacht- en tuchtrecht; en
  4. die een beroepsaansprakelijkheidsverzekering hebben afgesloten;
  5. die binnen een jaar na aanvang van het aspirant-lidmaatschap een mediationopleiding hebben gevolgd, erkend door MfN , tenzij hieronder anders is bepaald;
  6. die met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement;
     

dan wel

  1. aan wie in een individueel geval ontheffing van een of meer van de hierboven omschreven vereisten voor het lidmaatschap is verleend door het bestuur, aan welke ontheffing nadere voorwaarden kunnen worden gesteld.

 

3. Beroepsgroepen
 

A. 1. advocaten op het gebied van familierecht:

  1. die op het moment van de aanvraag van het (aspirant-)lidmaatschap, gedurende ten minste vijf jaar onafgebroken als zodanig zijn ingeschreven overeenkomstig het bepaalde in de advocatenwet; en
  2. die in het bezit zijn van een stageverklaring; en
  3. die als zodanig werkzaam zijn op het gebied van het personen- en familierecht, waarbij ten minste vijftig procent (50%) van deze werkzaamheden bestaat uit scheidingszaken en die dit ten minste gedurende de drie aan de aanvraag van het lidmaatschap voorafgaande jaren hebben gedaan; en
  4. die als lid-scheidingsmediator staan ingeschreven bij de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid: vereniging van Familierecht Advocaten Scheidingsmediators, met statutaire zetel in de gemeente 's-Gravenhage, ingeschreven in het handelsregister onder dossiernummer 27255227, deze vereniging hierna te noemen: de "vFAS"; en

 

A. 2. advocaten op het gebied van de overige terreinen waarop Collaborative Practice kan worden beoefend:

  1. die op het moment van de aanvraag van het (aspirant-)lidmaatschap, gedurende ten minste vijf jaar onafgebroken als zodanig zijn ingeschreven overeenkomstig het bepaalde in de advocatenwet; en
  2. die in het bezit zijn van een stageverklaring; en
  3. die als zodanig werkzaam zijn op het gebied waar de Collaborative Case betrekking op heeft, waarbij ten minste vijftig procent (50%) van deze werkzaamheden bestaat uit zaken op dit terrein en die dit ten minste gedurende de drie aan de aanvraag van het lidmaatschap voorafgaande jaren hebben gedaan; en
  4. die zijn ingeschreven bij een door de Orde van Advocaten erkende specialisatievereniging; en

 

B. 1. deskundigen op financieel gebied:

  1. die op het moment van de aanvraag van het (aspirant-)lidmaatschap , voor zover zij werkzaam zijn op het gebied van echtscheidingen en familierecht, minimaal vijf jaar werkervaring op dit gebied hebben; en
  2. die voor zover zij werkzaam zijn op het gebied van het familierecht met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) bijvoorbeeld op het gebied van het huwelijksvermogensrecht hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement; en
  3. die aantoonbare academische opleiding en ervaring hebben op het gebied waar de Collaborative Case betrekking op heeft.

 

C. 1. deskundigen op het gebied van emotionele begeleiding en coaching op het gebied van het familierecht (Coach):

  1. die op het moment van de aanvraag van het lidmaatschap een universitaire studie hebben voltooid op gedragswetenschappelijk gebied; en
  2. die aantoonbaar gedurende 5 jaar werkervaring hebben op het gebied van echtscheidingen en familierecht en bijvoorbeeld als zodanig geregistreerd staan bij de Raad voor Rechtsbijstand; en
  3. die een door de MfN erkende basisopleiding Mediation hebben gevolgd en
  4. die voor zover zij werkzaam zijn op het gebied van het familierecht met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) bijvoorbeeld op het gebied van het huwelijksvermogensrecht hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement; en
  5. die als zodanig de naar het oordeel van het bestuur benodigde ervaring en kwaliteiten hebben op het gebied van echtscheidingen en als zodanig werkzaam zijn op het gebied van het familierecht.

 

C.2. deskundigen op het gebied van emotionele begeleiding en coaching op het gebied van de overige terreinen  waarop Collaborative Practice kan worden beoefend:

  1. die op het moment van de aanvraag van het lidmaatschap , een universitaire studie hebben voltooid op gedragswetenschappelijk gebied; en
  2. die aantoonbaar gedurende 5 jaar werkervaring hebben op het gebied waar de Collaborative Case betrekking op heeft; en
  3. die een door de MfN erkende basisopleiding Mediation hebben gevolgd en
  4. die voor zover zij werkzaam zijn op andere terreinen dan het familierecht met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement;
  5. die als zodanig de naar het oordeel van het bestuur benodigde ervaring en kwaliteiten hebben op het gebied waar de Collaborative Case betrekking op heeft;

 

D. 1. deskundigen op het gebied van de begeleiding van kinderen: Kinderdeskundige

  1. die op het moment van de aanvraag van het lidmaatschap , een universitaire studie hebben voltooid op gedragswetenschappelijk gebied gespecialiseerd op kinderen zoals orthopedagogie; en/of ontwikkelingspsychologie of kinderpsychiatrie of kinderpsychologie;
  2. die aantoonbaar affiniteit hebben met kinderen in echtscheidingen en familierecht en minimaal vijf jaar werkervaring op dit gebied hebben; en
  3. die voor zover zij werkzaam zijn op het gebied van het familierecht met goed gevolg de door de vereniging op enig moment voor hen verplicht gestelde opleiding(en) bijvoorbeeld op het gebied van het huwelijksvermogensrecht hebben voltooid overeenkomstig het bepaalde in het door het bestuur, met goedkeuring van de algemene vergadering, vast te stellen reglement;
  4. die als zodanig de naar het oordeel van het bestuur benodigde ervaring en kwaliteiten hebben op het gebied van begeleiding van kinderen in echtscheidingssituaties en als zodanig werkzaam zijn op het gebied van het familierecht.

 

4.  Behoud Lidmaatschap
 

Voor het behoud van het lidmaatschap zijn de leden gehouden aan hetgeen is opgenomen in het Reglement Opleidingen van de VvCP hetgeen in het kort betekent dat:

de (aspirant-)leden van de vereniging zijn allen lid van een beroepsorganisatie en/of specialisatievereniging met vereisten ten aanzien van het op peil houden van de inhoudelijke kennis van het specifieke vakgebied.

Voor het behoud van het (aspirant-)lidmaatschap van de VvCP dient ieder (aspirant-)lid:

  1. te voldoen aan de jaarlijkse vereisten voor het behoud van het lidmaatschap van de eigen beroepsorganisatie en/of specialisatievereniging voor zover dit betrekking heeft op het op peil houden van de vakinhoudelijke kwaliteit;
  2. vanaf de datum dat hij/zij als(aspirant-) lid tot de VvCP is toegetreden, jaarlijks zes zogenoemde presentiepunten te behalen, welk aantal in het jaar van toetreding evenredig aan het aantal maanden dat het (aspirant-)lidmaatschap in het eerste jaar heeft geduurd, zal worden aangepast.
     

Het doel van de verplichting tot het behalen van presentiepunten is het waarborgen van de kennis en kunde van de (aspirant-)leden op het gebied van de overlegpraktijk, het bevorderen van de betrokkenheid van de (aspirant-)leden bij de vereniging als geheel, alsmede de contacten tussen de (aspirant-)leden onderling te versterken.

De activiteiten die kwalificeren voor het toekennen van presentiepunten betreffen uitsluitend:

  1. het bijwonen van algemene ledenvergaderingen van de vereniging (2x per jaar te houden): (maximaal) 2 punten per vergadering;
  2. de deelname aan workshops die door de vereniging worden georganiseerd: 1 punt per geheel uur dat wordt deelgenomen. Wanneer sprake is van een deelname korter dan een half uur worden geen punten toegekend;
  3. de deelname aan regiobijeenkomsten van de vereniging, maximaal 2 punten per bijeenkomst;
  4. het optreden als docent ten behoeve van een training, workshop e.d. ten behoeve van de vereniging: maximaal 2 punten per jaar;
  5. het deelnemen aan bestuursvergaderingen en aan bijeenkomsten van werkgroepen, alsmede het organiseren van regiobijeenkomsten van de vereniging: maximaal 2 punten per jaar.
     

De gehele tekst van het Reglement Opleidingen is op te vragen bij het secretariaat van de VvCP en na toetreding als (aspirant-)lid te downloaden van de ledenwebsite.